Als g'in nood gezeten wat zit er in uw noodpakket?
'Als g' in nood gezeten…' – wat zit er in úw noodpakket?
Schriftlezing: Ruth 1: 1-19a
Schriftlezing: Ruth 1: 1-19a
Sinds het de laatste tijd regelmatig over het noodpakket gaat, dat we allemaal in huis moeten hebben om de eerste 72 uur na een ramp door te kunnen komen, heb ik last van een oorwurm, een melodie die maar blijft rondzingen: 'Als g' in nood gezeten geen uitkomst ziet, wil dan nooit vergeten: God verlaat u niet…', enz. Een bekend lied van Johannes de Heer. U kent ook vast wel de persiflages die erop gemaakt zijn. Een hele oude is: 'Als g' in de sloot gezeten geen uitkomst ziet, wil dan nooit vergeten: kikkers bijten niet'. Of deze, een meer hedendaagse, digitale versie: 'Als g' in nood gezeten geen uitkomst ziet, wil dan nooit vergeten: control/alt/delete'.
Alle gekheid op een stokje: er is iets aan de hand met de manier waarop het noodpakket aan de man gebracht wordt. Voor de goede orde: ik vind het verfrissend dat er nu eens duidelijk wordt gezegd dat je bij een ramp of in een noodsituatie niet passief op de hulp van de overheid moet gaan zitten wachten. Maar nu komt het: naast zaklamp, batterijen en water zit er in het noodpakket ook een mensbeeld verstopt en dát is de aanleiding voor deze preek.
Want in de communicatie over het noodpakket zit déze boodschap verpakt (nog een variant!): 'Als g' in nood gezeten geen uitkomst ziet, wil dan nooit vergeten: hulp van and'ren komt er niet!'. Je bent op jezelf aangewezen. Je hebt geen hulp van anderen te verwachten. Jij hoeft ook anderen niet te helpen. Je moet jezelf kunnen redden. Je moet zelfredzaam zijn. Laat dit maar even tot u doordringen. Wat een verwrongen en naargeestig mensbeeld is dit, neo-liberaal 'to the max'. De mens gereduceerd tot een zogenaamd autonoom individu dat in z'n eentje moet zien te overleven. Ik mag toch hopen dat bij een ramp mijn buren, familieleden, vrienden, ja zelfs onbekenden mij komen helpen en dat ikzelf de moed heb om ook andere mensen te helpen!
Internetdeskundige Alexander Klöpping vertelt ergens dat hij een cursus 'preppen' heeft gevolgd. 'Preppen' is de term voor je prepareren, je voorbereiden op een ramp. Hij is erg teleurgesteld en zegt: 'Ik dacht dat het zou gaan over overleven, maar het ging alleen maar over hoe je anderen moet helpen'. Het kwartje is bij hem blijkbaar nog niet gevallen, want dit is nu precies waar het om gaat: in een noodsituatie moet je elkaar helpen, in je eentje overleven betekent niks, alleen sámen. Waarom zou je in je eentje verder willen? Overleven is elkaar helpen. Daarom wil ik een ander mensbeeld in het noodpakket stoppen: niet het autonome individu (dat helemaal niet bestaat) maar de relationele mens die in alle opzichten volstrekt afhankelijk is van anderen, vaak zonder dat wij ons daarvan bewust zijn. Pas als er iets mis gaat, wordt het zichtbaar: mensen hebben mensen nodig, voor water en licht, voor energie, voor hulp en opvang, voor ondersteuning, begeleiding en verzorging, noem maar op. Gelukkig zie je her en der in den lande buurt- en wijkgroepen oppoppen die zich juist in gezamenlijkheid en verbondenheid proberen voor te bereiden op een crisis. Dat stemt hoopvol. En opvangplekken en steunpunten zijn er ook allang: kerken, dorpshuizen, scholen, buurthuizen, sporthallen, volkstuinterreinen, bewonerscollectieven. Om met Cruyff te spreken: je gaat het pas zien als je het door hebt. Van zelfredzaamheid naar samenredzaamheid.
Dus nu rijst de vraag: wat zit er in úw, in jóuw noodpakket? Dat bedoel ik dus in geestelijke zin, zoals het mensbeeld dat ik al noemde, maar ook geestelijke weerbaarheid, persoonlijke veerkracht, 'resilience' in het Engels. En een vraag voor gelovige mensen: zit Gód er ook in? Zit er ook vertrouwen in, geloof, hoop en liefde, zit er ook moed in?
'Er verdrinkt iemand. En dat laat ik zomaar gebeuren'. Dit zinnetje dreunt steeds maar door het hoofd van Mirjam, als ze ziet dat er iemand met de auto de Leidsevaart te Haarlem in is gereden. Terwijl de auto langzaam zinkt, vormt zich een groepje mensen op de kade. Niemand doet wat. Mirjam schaamt zich dood dat ze niks doet, maar de twijfel blijft. Ze wikt en ze weegt, tot ze, heel even, iets ziet wat lijkt op een hand in het water. Dan brengt ze de moed op om in het ijskoude water te springen. Ze weet de vrouw, Leah heet ze, te redden door haar via het raam van de achterklep van de auto naar buiten te trekken. Na de 'tewaterlating en de redding' zijn de levens van de twee vrouwen voorgoed veranderd en op wonderlijke wijze met elkaar verstrengeld.
Wat zou u, wat zou ik in zo'n noodsituatie gedaan hebben?
Misschien is het u opgevallen dat ik het woordje 'moed' al een paar keer heb gebruikt. Dat is geen toeval, want daar komt het volgens mij op neer: de moed om het verschil te maken en iemand in nood te helpen. Wat is 'moed' eigenlijk? Presidentsvrouw Eleanor Roosevelt zei: 'Moed is wat je moet doen als je denkt dat je het niet kunt'. Dat is een mooie. Moedig ben je als je iets ten goede zegt of doet, waarvan je altijd gedacht hebt dat je het nooit zou kunnen.
Moed om in het diepe te springen. Moed om op te komen voor je collega die gepest wordt op het werk. Moed om het roer om te gooien. Moed om op te staan en te protesteren tegen onrecht. Russische geestelijken en gelovigen die kritisch staan tegenover Poetin en die daarom ontslagen en gevangen gezet worden. Journalisten die zich onverschrokken inzetten voor een vrije Russische en nu ook Amerikaanse pers. De Open Hof – gemeente in Kampen die al maanden kerkasiel biedt aan de Oezbeekse familie Babayants.
Moed is volgens mij essentieel voor het noodpakket. Moed maakt weerbaar en veerkrachtig. Dapper, standvastig, trouw, lef hebben. In welke situaties was ik moedig en ben ik iemand te hulp geschoten? En wanneer was ik te laf om mijn mond open te doen? Indringende vragen, maar ik moedig u aan om ze aan uzelf te stellen.
Laat duidelijk zijn: je kunt niet voorspellen hoe jij persoonlijk zult reageren als het er echt op aan komt. Misschien raak je in paniek, je bevriest, je vlucht of je vecht. Wie zal het zeggen? Je weet het gewoon niet. Maar je kunt je wel iets voornemen. Filosofe Hannah Arendt zei het al: 'De beste manier om de toekomst te voorspellen is je iets voornemen en je daaraan te houden'. In mijn vroegere werk als geestelijk verzorger bij Defensie heb ik gemerkt dat het voor militairen heilzaam is als ze zich vóór hun uitzending bewust worden van hun persoonlijke waarden en normen. Als je weet waar je voor staat, dan loop je minder risico op post-traumatisch-stress-syndroom. Daarom doen geestelijk verzorgers altijd aan 'waardenverheldering': wat zijn de waarden waar je uit leeft? Zoals eerlijkheid, rechtvaardigheid, trouw, moed. Wat zijn de bronnen waar je uit put? Waar haal je je weerbaarheid en je veerkracht vandaan? Dus vandaar mijn vraag nu aan jullie, hier in de kerk: ben je je ervan bewust wat er aan waarden in jouw noodpakket zit?
We hebben het begin van het boekje Ruth gelezen, een staaltje oosterse verteltrant over drie moedige vrouwen. Ja, drie. Niet alleen Naomi en Ruth waren moedig, maar ook Orpa. Het gaat altijd over Ruth die dan de goede keuze maakt. Orpa komt er altijd bekaaid af, omdat ze de verkeerde keuze maakt. Maar dat stáát er helemaal niet. Sterker nog, de verhalenverteller velt geen oordeel, maar vertelt het als twee gelijkwaardige keuzes. Want er zijn verschillende vormen van moed. Zoals de moed om te gaan en de moed om te blijven. Soms moet je ergens weg gaan en soms moet je ergens blijven. Orpa kiest ervoor om te blijven. Hoe haar verdere leven verloopt weten we niet. Het verhaal gaat door met Ruth, omdat de verteller via Ruth wil uitkomen bij koning David en de verwachting van de Messias. Nu vraag ik even uw aandacht voor Orpa: zij belichaamt de moed om te blijven. Zij staat voor standvastigheid, aarden waar je bent als een vorm van dagelijkse trouw. Bijvoorbeeld als mantelzorger voor je levenspartner die aan het dementeren is. Of omdat je moet zorgen voor je gehandicapte zoon of dochter. Of als je ondanks je slechte huwelijk – jullie leven allang langs elkaar heen – toch bij je man of vrouw blijft.
Mensen oordelen snel. 'Dit is toch geen leven! Je moet toch ook aan jezelf denken!'. Maar jij blijft – alleen jij weet waarom. De moedigste beslissingen zijn soms voor niemand te zien…
Over moed gesproken… De Nobelprijs voor de Vrede is dit jaar gegaan naar de Venezolaanse oppositieleider Maria Corina Machado, vanwege haar inzet voor een rechtvaardige overgang van dictatuur naar democratie. Zij laat de vlam van de democratie branden in een tijd van groeiende duisternis. Zij is een buitengewoon voorbeeld van een moedige burger, die zich al jaren verzet tegen het wrede, autoritaire beleid van president Maduro. Ondanks ernstige bedreigingen koos Machado er bewust voor om in Venezuela te blijven als moedige verdediger van de vrijheid.
Ik denk ook aan moedige Joodse vrouwen als Chaja Polak en Natasja van Weezel, die zich onvermoeibaar verzetten tegen simplistisch denken over de oorlog van Netanyahu tegen Hamas in Gaza. Als je kritiek hebt op het buitenproportionele geweld van het Israëlische leger, ben je niet meteen een antisemiet. En andersom: als je aandacht vraagt voor de slachtoffers in de Gazastrook ben je niet meteen een aanhanger van Hamas. Lang niet alle Israëliërs staan achter het beleid van Netanyahu en lang niet alle Palestijnen steunen Hamas. Hamas is een gewelddadige, terroristische organisatie, die de eigen mensen in hun sop laat gaarkoken, terwijl de leiders zich schuilhouden in Qatar. Beide vrouwen zoeken het radicale midden, niet het stille midden, niet de zwijgende meerderheid, maar het radicale midden, dat bestaat uit mensen die weigeren te polariseren, die er verschillende standpunten tegelijk op na houden zonder elkaar te verketteren. 'Hoe houd je je hart zacht?' is het motto van Natasja van Weezel. Hoe blijf je tegelijk zacht en moedig? Zacht-moedig.
Er is ook net een prachtig boekje verschenen van de episcopaalse bisschop van Washington Mariann Budde: 'Durf moedig te zijn'. U kunt haar kennen van de kerkdienst na de installatie van Trump als president van de Verenigde Staten. Daarin riep zij hem op tot mededogen. Dit is wat ze zei: 'In naam van God vraag ik u om genade voor de mensen in ons land die nu bang zijn. Moge God ons de moed geven om de waardigheid van ieder mens te respecteren'. Zij nam het op voor de LHBTI-gemeenschap en voor immigranten die worden weggezet als criminelen en parasieten. Je zag de hotemetoten ongemakkelijk op hun stoel heen en weer schuiven: wat gebeurt er nú? De bisschop staat helemaal in de lijn van de Bijbelse profeten die moedig en onverdroten de machthebbers een spiegel voor te houden.
Haar boodschap is er alleen maar urgenter op geworden. Wereldwijd is er een guur-rechtse, onverdraagzame wind opgestoken, die door autoritaire leiders met fascistische ideeën wordt aangewakkerd tot orkaankracht. Zij nemen schaamteloos een loopje met de onvervreemdbare waardigheid van ieder mens. Het getuigt van moed dat je ondanks deze tegenwind durft uit te komen voor wie je bent, bijvoorbeeld gay. En het kan ook zo zijn dat je dat door diezelfde tegenwind niét durft. Het mag er allebei zijn, welke keuze je ook maakt. Ik hoop dat mensen dan toch een plek kunnen vinden waar ruimte is en vrijheid, liefde en gelijkwaardigheid zodat ze zichzelf kunnen zijn. Misschien is de kerk dat wel… Het gaat mij er nú om dat ik het anno 2025 ten hemel schreiend vind dat de intolerantie, haat en wraakzucht ten opzichte van iedereen die zogenaamd 'anders, buitenlands, vreemd' is steeds groter wordt - en dat dat zo gemakkelijk gaat. We hebben moedige mensen nodig, moedige taal, want moed is ook: tegengif tegen giftige taal die mensen ontmenselijkt. Wie zei het ook alweer: 'we moeten niet normaal maken wat niet normaal is'.
Een heel andere vorm van moed is juist om niets te doen, met een woordspeling: de moed om 'de moed op te geven' – tijdens een ziekbed, tijdens een sterfbed. De moed om af te zien van nóg een behandeling, nóg een chemokuur, omdat het middel erger is dan de kwaal. Soms zetten familieleden en artsen jou als zieke flink onder druk om tot het uiterste te gaan, ten koste van alles. Dan is het heel belangrijk om bij jezelf te blijven, dat je dan de moed vindt om te kiezen voor kwaliteit van leven, al is het maar voor een paar weken of maanden. Dat is niet laf, dat getuigt van moed. Of de moed om je niet langer te verzetten, maar het levenseinde onder ogen te zien, te aanvaarden, het leven los te laten en je te laten vallen in de dragende armen van een oneindige Liefde. Ik hoop dat die moed mij gegeven wordt tegen die tijd…
En tenslotte de moed om kwetsbaar te zijn - eerlijk zijn over waar je van binnen mee worstelt of eerlijk toegeven dat je een blunder hebt begaan. Twee weken geleden is er een boek van de Nederlandse rapper Typhoon verschenen: 'Liefde is de baas. Over de kunst van moedig leven'. Hij zegt: "Ik heb het vaak over verbinding en oké zijn, over moedig zijn in je ongemak. Dus laat ik in dit boek mijn verdedigingslinies zakken. Om te zeggen: ik maak fouten én ik maak goede keuzes. Ik neem je mee in het échte verhaal in plaats van al mijn trofeeën op tafel te zetten".
De meeste mensen zijn geen helden, en dat hoeft ook niet. Soms ben je moedig, dan weer lafhartig, niemand is consequent – wees daarom niet te streng voor jezelf… Je kunt leren van en aan het leven. Na een teleurstelling of een verlies mag je altijd opnieuw beginnen. Misschien is dit wel de kern van moed: dat je eerlijk bent voor jezelf, voor anderen en voor God, in alle kwetsbaarheid.
Samenvattend. 'Als g' in nood gezeten…'. Wat moet er in het noodpakket?
Dus niet alleen voor een ramp, maar juist ook voor dagelijks gebruik!
Als je het mij vraagt:
1) naast zelfredzaamheid juist ook samenredzaamheid;
2) vervolgens helderheid over de waarden waar je uit leeft en het voornemen om daar naar te handelen;
3) en tenslotte moed. Geen moedeloosheid, geen overmoed, maar courage, moed: moed om te verbinden – letterlijk en figuurlijk. Amen.
---------------------------------------------------------------------------------------------------------
NASCHRIFT: deze preek is geschreven en gehouden vóórdat de brochure van de overheid 'Bereid je voor op een noodsituatie' in de brievenbus viel. Ik moet eerlijk toegeven dat het mij meeviel: we worden gestimuleerd om met elkaar te praten en elkaar op te zoeken en te helpen. De boodschap van de preek blijft wél recht overeind staan. ds. Ruurd van der Weg, Uithoorn.
terug